Suikerbieten

Eén van de vier gewassen zijn de suikerbieten. Deze wordt geleverd aan Cosun.

De suikerbiet of beetwortel is een wortelgewas dat wordt geteeld voor de winning van suiker.
De suikerbiet is in Nederland een belangrijke bron van suiker. De suikerbiet is niet eetbaar, daar is de biet veel te hard voor. Om de suiker uit de suikerbieten te winnen vindt een complex productieproces plaats waarbij de bieten worden gesneden en gekookt en het sap wordt gecentrifugeerd. Tijdens het proces komen verschillende bijproducten vrij die echter niet worden weggegooid maar in andere producten worden verwerkt.

De plant wordt tot 80 centimeter hoog, de bloemen zijn geplaatst op een steel en zijn klein, ze hebben geen opvallende kleuren.

De oogst vindt plaats in de herfst (vanaf september), waarbij de wortelopbrengst per hectare gemiddeld in Nederland 65 ton was in de jaren 2003 tot en met 2007. De meeste bieten worden geoogst met een zesrijige bietenrooier, waarbij de biet wordt ontbladerd en daarna met messen wordt gekopt. Voor goed kopwerk is een regelmatige stand van de bieten noodzakelijk; bij te kleine bieten blijft er nog blad aan de biet zitten en bij te grote bieten wordt er teveel biet weggekopt. De bladeren die vrijkomen bij het koppen worden niet weggegooid maar op het land uitgestrooid als mest.

De teelt van suikerbieten geschiedt geheel machinaal. Voor het machinaal kunnen verzaaien worden de zaden, eigenlijk zaadkluwens met tegenwoordig één kiem, gepilleerd. Pilleren is het opvullen/omhullen van onregelmatige gevormde zaden, met als doel het zaad beter, sneller en preciezer te kunnen verzaaien. Een ander doel is het meegeven van fungiciden en insekticiden om de plant gedurende de eerste groeifase te beschermen tegen schadelijke schimmels en insecten.

Bij de teelt van suikerbieten kunnen talloze ziekten optreden, zoals bladziekten, veroorzaakt door Cercospora, meeldauw, of wortelziekten, bijvoorbeeld rotting veroorzaakt door Rhizoctonia solani. Ook kan er schade ontstaan door aaltjes en insectenlarven, zoals ritnaalden en het bietenkevertje (Atomaria linearis) eten van de bietenplanten. Zie ook onder het kopje ziekten en aantastingen.

Gemiddeld bedroeg de opbrengst in Nederland in 2005 11.100 kg, in 2006 10.900 kg en in 2007 11.100 kg suiker per ha. De gemiddelde suikerbietopbrengst was in 2007 64.000 kg per hectare met een suikergehalte van 17,4%. De gemiddelde uitbetaalde suikerbietenprijs was in 2007 € 41,31 per 1000 kg bieten.[4] De prijs hangt af van het suikerpercentage van de biet, het gehalte aan amino-stikstof, kalium en natrium en de hoeveelheid meegeleverde tarra.

Het verwerken van suikerbieten tot suiker is een kapitaalintensief proces. De suikerbieten worden in een periode van 3 tot 4 maanden verwerkt (de zogenaamde bietencampagne). Voor de rest van het jaar ligt de suikerfabriek stil. Suikerbieten moeten snel worden verwerkt omdat het suikergehalte na het oogsten snel terugloopt. Gemiddeld is zes ton bieten nodig voor het produceren van één ton suiker. Suikerbieten bevatten veel water en om transportkosten te drukken liggen de suikerfabrieken in de buurt van de bietentelers. In Nederland zijn deze gevestigd in Hoogkerk (Suiker Unie) en Dinteloord (Suiker Unie), in België in Tienen, Fontenoy, Brugelette, Wanze en vroeger ook in Moerbeke en Veurne[6].

In suikerfabrieken wordt de suiker uit de bieten gehaald en geraffineerd. Tijdens de zogenaamde bietencampagne in de herfst worden de grote hoeveelheden bieten naar de fabrieken gebracht. Dat de bietencampagne gestart is, valt vaak op doordat de binnenwegen waarover de bieten vervoerd worden zijn bedekt met een laag modder. Daarnaast vormen afgevallen bieten, die relatief groot en zeer hard zijn, een mogelijk gevaar voor het verkeer. Het overgrote deel van de bieten wordt geoogst tussen half september en half november. Later oogsten geeft risico's omdat de biet slecht tegen vorst kan. De verwerking vindt plaats van half september tot half januari. In deze periode wordt suiker uit de bieten gehaald. De rest van het jaar wordt gebruikt om de fabriek schoon te maken, te onderhouden en klaar te maken voor de volgende campagne.

In de fabriek worden de bieten eerst gewassen en in reepjes gesneden (snijdsel). De suiker wordt aan de fijngesneden biet onttrokken met warm water. Het zo ontstane ruwsap moet echter eerst gezuiverd worden, men voegt daar onder andere kalk voor toe, dat later als schuimaarde in de landbouw wordt gebruikt, zie carbonatatie. Daarna dikt men het sap in tot diksap, waarin bij verder indikken de suikerkristallen gevormd worden. Om de vorming van kristallen te stimuleren wordt een beetje poedersuiker toegevoegd. Door centrifugeren scheidt men de kristallen van de overgebleven stroop, die melasse genoemd wordt en apart wordt verkocht, bijvoorbeeld voor de productie van alcohol. Melasse kan ook worden verwerkt in veevoer; doordat het kleverig is kunnen er korrels van worden gemaakt. De kristalsuiker wordt goed gedroogd en opgeslagen in silo's. Gedurende de loop van het jaar wordt de suiker verpakt en vervoerd. Het snijdsel waaraan de suiker is onttrokken (pulp) dient als veevoeder.

Uit kristalsuiker worden diverse andere producten gemaakt, zoals basterdsuiker, poedersuiker en suikerklontjes. Ook bij de productie van minder voor de hand liggende suikerhoudende producten zoals verf, papier en tandpasta wordt suiker gebruikt. In Nederland worden de bieten direct tot suiker verwerkt. In het buitenland vindt soms een deel van de verwerking van het diksap buiten de campagne plaats.

Bron: Wikipedia - Suikerbiet

Ook telen wij aardappelen - maïs - granen

Nieuws

© 2017: Woestenenk Aardappelen - Marsmansteeg 2 - Laren gld - 0573 40 13 18 - info@woestenenk-aardappelen.nl - Twitter - Facebook - Website: GHP-online